maandag 28 maart 2011

Major changes

Vanaf nu ga ik geen nieuwtjes meer plaatsen. Er komen te veel goede albums uit en ik beleef meer plezier aan het schrijven van reviews. Ik schrijf nu ook voor Ragherrie, dus mijn reviews zullen twee keer op internet komen. Ook zal ik gewoon albums reviewen die ik zelf goed vind maar niet op Ragherrie zet. Maar ik ga met goede moed reviewen en alles komt goed.

REVIEWS

Full Blown Chaos – Full Blown Chaos (Hardcore)

De naam Full Blown Chaos deed belletjes bij me rinkelen maar ik heb nog nooit wat van ze gehoord. Ik merk dat ik heel  wat gemist heb want dit album schopt keiharde kont!
De keren dat ik de naam Full Blown Chaos zag werdt die vergezeld met het etiket “metalcore.” Een compleet verkeerd label. FBC maakt gewoon pure hardcore met een metalinsteek, net zoals Terror dat ook al jaren doet.

De muziek is bruut, agressief maar laat ook ruimte over voor melodie, met name in afsluiter The Path I Walk. Doomageddon begint inderdaad doomy maar gaat snel over naar agressieve hardcore zoals die alleen uit New York kan komen. In “C.O.B.R.A.” is de geest van Madball erg aanwezig. Het hele album staat vol met knalharde beukers van songs. FBC is een groovend, moshend monster van energie. De zang kan soms wat monotoon worden. Maar zolang de band nummers als The Walking Dead, War Machine en mijn persoonlijke favorieten Gravedigger en Die Like You Live produceert hoor je mij niet klagen.
Dit is een band die ik gewoon een keer móét zien. Ik weet zeker dat de energie ervan af spat.

Full Blown Chaos levert met hun vijfde album een heerlijke hardcore plaat af. Deze band kan serieus meedingen naar de top van de New York Hardcore. Onthouden mensen, want ooit zijn Madball, Sick Of It All en Agnostic Front er niet meer.

85/100 

Jag Panzer – The Scourge Of The Light

Maar liefst zeven jaar hebben we moeten wachten op een nieuw album van Jag Panzer. Het laatste wapenfeit was het in 2004 uitgebrachte Casting The Stones, tevens het laatste album met Chris Broderick, die in 2008 overstapte naar Megadeth. Broderick werdt vervangen door Christian Lasegue, die al eerder in de band speelde maar nooit op een plaat te horen was. De formule van de band is ongewijzigd gebleven en dus worden we op The Scourge of the Light weer getrakteerd op een potje smeuige power metal, geleid door de fantastische stem van Harry ‘The Tyrant’ Conklin.

En dat levert heerlijke nummers op zoals het uptempo Let It Out. Dat nummer bevat ook een heerlijke gitaarsolo van Lasegue. Het zijn de meer riffgedreven nummers die het hardst knallen. Cycles bijvoorbeeld is een stampende heavy metalsong, waarop de zang van Harry Conklin doet denken aan Ronnie James Dio. De band is technisch zonder een ‘kijk eens wat ik kan’ houding te hebben.
Ook staan er nummers op waarop de band wat progressieve invloed laat horen. De twee afsluitende tracks Burn en The Book of Kells zijn daar prima voorbeelden van. In de laatste zijn ook strijkers te horen. Gecombineerd met mooie akoestische gitaren en de gevoelige zang van Conklin levert dit een waar kippenvelmoment op. Ook de daaropvolgende gitaarsolo is erg gaaf.

The Scourge of the Light is een erg divers album geworden. Aan de ene kant heb je ‘rustigere’ nummers als het eerder genoemde Burn en The Setting of the Sun. Ballads zijn het absoluut niet, het zijn meeslepende, catchy nummers met sterke opbouw lekkere melodieën. Aan de andere kant zijn er de headbangers als Condemned to Fight. De bas had wel een tikje hoger in de mix gemogen. Hij is bij vlagen wel goed hoorbaar maar soms heeft een song nét dat tikje meer nodig.
Jag Panzer heeft met The Scourge of the Light een uitstekende ‘comebackplaat’ gemaakt. Hij is divers, de songs zijn van prima kwaliteit maar vooral: het is een lekkere metalschijf zonder overdreven gedoe en pretentieus gepriegel. En dat is ook wat waard in deze tijd.

80/100

The Haunted - Unseen

The Haunted is nooit een typische thrash metal band geweest. Het in 2006 uitgebrachte The Dead Eye liet een verassend progressieve kant van het Zweedse vijftal horen. Op Versus (2008) kwam de band weer wat harder uit de hoek. Nu is er Unseen en hierop kiest de band de gulden middenweg tussen de beide voorgangers.

Als Never Better keihard inzet is er niks te merken. Dit nummer rockt gewoon heerlijk. Wat wel meteen hoorbaar is, is dat de sound van de band is geëvolueerd. Zo zit er in Catch 22 een stuk waarin de cleane zang van Peter Dolving is voorzien van een of ander effect, wat een gave sfeer creërt.
Motionless is dan weer een prima kandidaat voor een single met zijn pakkende refrein en southern-achtig sfeertje. Er wordt nog meer geëxperimenteerd in The Skull, dat met cleane samenzang en een ijl gitaartje begint. Het groeit echter uit tot één van de zwaarste songs op het album en ligt redelijk dicht bij de stijl die The Haunted op Versus liet horen.

Unseen is zeker geen klakkeloos vervolg op Versus geworden. De band heeft hun experimenteerdrift de vrije loop gelaten en dat resulteert in een prima plaat. De nummers zijn lastig te doorgronden maar zijn compact en lekker headbangbaar. Er staan zeker nummers op die de fans van rEVOLVEr kunnen bekoren, zoals Never Better en The City. Deze plaat is net als Rivella: verfrissend, een beetje vreemd, maar wel lekker.

77/100

Turmion Kätilöt – Perstechnique (Industrial Metal)

Dit is nou typisch zo’n band die ik als “aanrader van de week” zou kunnen bestempelen. In de noordelijke landen is Turmion Kätilöt al een aantal jaar een begrip. Deze Finnen nemen invloeden van Rammstein, Pain, Ministry en een vleugje Samael en vermengen ze tot een opzwepende, dansbare vorm van industrial/drum and bass metal. De leden hebben fantasierijke bijnamen bedacht als MC Raaka Pee, DQ, Master Bates, RunQ, Spellgoth en Bobby Undertaker. Ook zijn ze niet vies van een beetje S&M shockerij tijdens concerten. Weet welk vlees je in de kuip haalt.

De voorgaande albums Hoitovirhe (2004), Pirun Nyrkki (2006) en U.S.C.H! (2008) waren voor mij pareltjes. Voor de leek is de muziek van Turmion Kätilöt niks meer dan beukdrums, schreeuwzang en een teringlading aan keyboards. Voor wie verder luistert is de muziek echter veelgelaagd, en zelfs catchy. Goed voorbeeld: ‘Paha Musta Veri’ van ‘U.S.C.H!’. Op ‘Perstechnique’ wordt de formule weer wat verbreedt en voortgezet.
Grand Ball is in ieder geval meteen een lekker dansbaar nummer, met een stevige beat en die gelaagde keyboardsound. Peter Tägtgren zingt ook mee. Het intro van Ihmisixsixsix doet aan Rammstein denken met loodzware gitaren. De drummer speelt geen verassende dingen maar beukt lekker door, á la Du Hast.
Hanska begint atypisch, met een soort mix tussen latin, soft trance en lounge, voordat de gitaren hun intrede doen met een beukend ritme dat zo van een thrash metal band afkomstig had kunnen zijn. De toetsen zijn echt sterk in dit nummer en ook het refrein is pakkend.
Lapset Ja Vanhemmat begint met aanzwellende toetsen dat uitkomt in een trance-achtig stukje, en vervolgens naar metal met een gabber-beat eronder voor de typischt TK-stijl begint. Staccato gitaren en toetsen kenmerken dit nummer. In het refrein zingt een vrouwenstem mee, en het nummer is trager dan de anderen.
Turmion Kätilöt bedient zich vaak van instrumentale interludes. Soms is dat niet meer dan noise (Härka van Pirun Nyrkki) maar nu is het een echt instrumentaal nummer. Het heet Herran Toinen Tuleminen, er zitten geen gitaren in, geen zang, maar wel een kreunende pornoster. Beetje afleidend hoor. Het is meer een technotrack, zonder metal. Ook zitten er drum and bass invloeden in.
Tijd voor het hoogtepunt! Verta Saata heet het en het begin zet meteen de toon. Groovend, beukend, hypnotisch herhalend deuntje en een megasterk refrein. Het nummer heeft een duistere sfeer om zich heen hangen. Zanger MC Raaka Pee heeft een indrukwekkende strot en stembanden van schuurpapier.
De afsluiter Vedetäänkö Vai Ei is wat springeriger van aard en het refrein is best vrolijk. Het blijft wel in je hoofd hangen, en dat is wat een goede afsluiter moet doen.

Turmion Kätilöt is een uitstekend voorbeeld van hoe een band zich kan vasthouden aan een stijl, daar niet te veel vanaf wijkt en toch afwisselende en steengoede albums kan maken, keer na keer. De keyboards zullen veel mensen afschrikken, evenals de op eerste gehoor dissonante werking tussen de gitaar en toetsen. Luister een paar keer naar hun albums en het kwartje valt behoorlijk snel. Voor fans van industrial metal raad ik hem sowieso aan. Voor mensen die snel kriegelig van keyboards worden is dit een no go.
Perstechnique sluit met gemak aan op de voorgaande albums en is waarschijnlijk het meest diverse album van Turmion Kätilöt geworden tot nu toe. Ik vind hem te gek, jij misschien ook.

88/100

JUKEBOX

Stay metal!! \,,/


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen