maandag 2 januari 2012

To the end of the world!!!

Ja mensen, het jaar is weer voorbij! En wat was het een fijn jaar. Qua metal dan. Tussen alle beschietingen, chemische branden, oorlogen, financiële crississen en dergelijke door vuurde het metallandschap album na album op ons af. Zowel vaste waarden (Opeth, Korpiklaani, Machine Head, KoRn, Textures, Nightwish, Primordial) als nieuwelingen (Hell, Brymir, Amaranthe, Gingerpig). Teveel om op te noemen maar ik heb wel mijn persoonlijke top 20 gemaakt:

01. Septicflesh - The Great Mass
02. Nightwish - Imaginaerum
03. Rhapsody - From Chaos To Eternity
04. Hell - Human Remains
05. Devin Townsend - Deconstruction
06. Primordial - Redemption At The Puritan's Hand
07. Fleshgod Apocalypse - Agony
08. Anaal Nathrakh - Passion
09. Dragonland - Under The Grey Banner
10. MaYaN - Quarterpast
11. Machine Head - Unto The Locust
12. Moonsorrow - Varjoina Kuljemme Kuolleiden Maassa
13. Turisas - Stand Up And Fight
14. Powerwolf - Blood Of The Saints
15. Devildriver - Beast
16. Insomnium - One For Sorrow
17. Samael - Lux Mundi
18. Amon Amarth - Surtur Rising
19. Brymir - Breathe Fire To The Sun
20. Versailles - Holy Grail

En daar mag je het best oneens mee zijn, dit zijn dé platen van het jaar voor mij. Ik heb niet alle platen kunnen reviewen die ik wilde, mijn voornemen voor 2012 is om nog meer te reviewen. Ik schrijf er nog wel één voor KoRn, gewoon omdat dat moet. Of Lulu er een krijgt weet ik niet, dan moet ik me er grondig op voorbereiden.

REVIEWS

Nightwish - Imaginaerum

Daar zijn ze dan eindelijk weer! Nightwish heeft natuurlijk geen introductie nodig. Alles wat gezegd kon worden is inmiddels al gezegd. Het Tarja-Annette debat is belachelijk en daar zal ik me dan ook niet mee bezighouden. Imaginaerum is natuurlijk verbonden aan de film met dezelfde naam die volgend jaar uit zal komen. En het is wellicht door deze film dat Imaginaerum zo’n divers werkje is geworden.

Diversiteit, dat is het sleutelwoord bij Imaginaerum. De typische Nightwish-elementen zijn overvloedig aanwezig, maar er is zeker ruime voor experimenten. Eén van die experimenten is Slow, Love, Slow. Dit nummer is 90% pure jazz! Ja, jazz! Compleet met brushes, contrabas en slepend ritme. Wat verassend is, is hoe goed de stem van Annette tot haar recht komt. Een ander experiment is Song Of Myself. Dit 12 minuten-durend epos begint als een typisch Nightwish-nummer maar halverwege zeggen verschillende stemmen een gedicht op, waarbij de muziek een flink stap teruggeschroefd wordt. Een lastig stuk om te luisteren, maar erg sfeervol.

De Nightwish zoals we die kennen is aanwezig in de nummers Ghost River, Last Ride Of The Day en de single Storytime. Storytime is de typische single zoals we die gewend zijn maar Ghost River betreed al snel duistere paden. Het is ook het eerste nummer waarop Marco zingt (afgezien van het intro Taikatalvi). De sound  van Nightwish is nóg orkestraler geworden dan eerst. Natuurlijk neemt het orkest in de eerste plaats wel een achtergrondrol in, en de riffs van Emppu staan behoorlijk vooraan in de mix. Het is pas bij het keltische I Want My Tears Back dat het de gitaar overneemt. Uillean pipes zijn een groot aandeel in dit nummer, net als bij Last Of The Wilds van Dark Passion Play. Het nummer klinkt een beetje folk metal-achtig, ware het niet dat er halverwege een stuk in zit dat zo in een Michael Flatley show kan. Een klein hoogtepuntje.

Dit kleine hoogtepuntje wordt vervolgens compleet weggeblazen door Scaretale, een nummer dat zo immens goed is dat het zijn eigen paragraaf krijgt. Een kinderkoortje zingt een gedichtje in het intro, hetzelfde gedichtje dat ook in Plague And Fyre van Hell zit. Het orkest zwelt aan aan en voor het eerst sinds tijden haalt drummer Jukka zijn twinkicks weer eens van stal. De zang van Annette is geweldig. Het slaat eigenlijk helemaal nergens op wat ze doet maar het nummer krijgt er zo’n heerlijk gefreakte sound van dat je het wel vet moet vinden. Het middenstuk klinkt als de liefdesbaby tussen Danny Elfman en Tuomas. Een spookkermis in een droomwereld, zo klinkt het. Het orkest geeft er een episch tintje aan dat onmogelijk zo had kunnen zijn als alles met toetsen gedaan was. Een heerlijk nummer, dat voor mij tot de beste Nightwish-nummers ooit behoort.

Na het oosters klinkende (en epische) intermezzo Arabesque komt een drieluik van rustigere nummers. De mooie ballad Turn Loose The Mermaids is de eerste. Een mooi nummer met akoestische gitaar. Later doen trommels hun intrede en krijgt het geheel een Ennio Morricone-achtige vibe. Ik ben gek op Ennio Morricone, dus dat is alleen maar goed.
Rest Calm is een lang nummer, waar Marco ook op zingt. De rustige refreinen contrasteren met de hardere coupletten. Weer een grote rol voor het orkest, maar het stuwt het einde van het nummer naar nieuwe hoogten.
The Crow, The Owl and the Dove is een traditionelere ballad. Een goed nummer, maar wel wat zwakker.
Het album eindigt met de titeltrack, waarop thema’s uit de vorige nummers zijn samengebracht tot een orkestraal stuk. Erg sfeervol, en een leuk spelletje om te herkennen welk stuk uit welk nummer komt.

Imaginaerum is een meesterwerk geworden. Divers, extreem orkestraal, pakkende melodieën en gewoon vet. Annette bewijst zich nu echt als zangeres, maar tegelijkertijd distantieeërd de groep zich van het eerdere werk. Er wordt nu compleet vertrouwd op het orkest als instrument. Dat betekend echter niet dat de metal naar achteren is. Wellicht is Imaginaerum iets te symfonisch voor de doorsnee metalfan, maar een liefhebber van female fronted- en symfonische metal moet hier zeker iets mee kunnen. Ik ben beide, en voor mij is het album puur goud. Topper.

94/100

Amaranthe – Amaranthe

Olof Mörck is een druk mannetje. Naast de epische power metal van Dragonland heeft hij ook nog tijd gevonden om Amaranthe uit de grond te stampen. Met deze band kan Olof een totaal ander spectrum ontdekken: moderne metal. De scepsis neemt toe, maar geen zorgen. Olof is tenslotte een begenadigd songschrijver en weet uitstekende riffs uit zijn mouw te schudden. Amaranthe heeft drie stemmen; de woeste schreeuw van Andreas ‘Andy’ Solveström, cleane mannenzang van Jake E en mooie vrouwenzang van de bevallige Elise Ryd, die eerder met Kamelot op tour was.

Bij de term modern metal zal Sonic Syndicate de eerste naam zijn die te binnen springt. In veel opzichten is Amaranthe vergelijkbaar met de landgenoten. Maar waar er bij SS een zweem van commercialiteit om de muziek heen hangt is die bij Amaranthe ver te zoeken. Er is een jeugdig enthousiasme merkbaar en hoewel de muziek zwaar leunt op toetsen wordt de gitaar zeker niet vergeten.
De eerste helft van het album staat vol met pakkende metalsongs boordevol dance-invloeden en pakkende refreinen. De single Hunger en de lekkere nummers 1.000.000 Lightyears Away, Automatic en de krachtige ballad Amaranthine zijn prima voorbeelden van hoe metal modern, gelikt en toch bruut kan klinken.
Vanaf Rain gaan de nummers iets meer de brute kant op en staat de gitaar wat meer op de voorgrond. Call Out My Name staat vol met twinkickroffels maar neemt disco-vormen aan in het refrein. Director’s Cut is het langste nummer van het album (bijna 5 minuten!) en gaat door meer fases dan de andere nummers. Het is echter nog wel een pakkend nummer en de wisselwerking tussen de drie zangers komt goed uit de verf. Het album wordt afgesloten met Serendipity, een nummer zoals we die al het hele album lang horen.

Eigenlijk mag ik dit niet goed vinden. Amaranthe is een soort Sonic Syndicate; toetsen, grunts en cleane zang, poppy melodieeën en voorspelbare structuren. Wat Amaranthe anders maakt dan Sonic Syndicate is het feit dat ze drie geweldige zangers hebben, en SS op dit moment één crappy zanger. De toetsen maken het geheel af en geven het poppy gehalte een dikke boost. Amaranthe is de ABBA van de metal. De ultieme popmuziek die je eigenlijk niet goed mag vinden maar het toch doet.
Maar ja, het heeft tenslotte een reden dat de meeste melodische metalbands uit Zweden komen...

80/100

The Browning – Burn This World

Metal met vermengd met elektronische invloeden is al een tijd hartstikke normaal. Een toetsje hier, wat synths daar. Maar sinds kort wordt metal ook vermengd met pure trance- en techno invloeden. Nou ja, metal? Voornamelijk post-hardcore bands als Attack! Attack!, Abandon All Ships en Enter Shikari scoren ermee. Pure metal met techno is er niet. Of was er niet, want nu is er The Browning met hun debuutalbum.

Vorig jaar besprak ik al de eerste EP van dit viertal uit Dallas, dat me positief wist te verassen. Deze jonge band mengt zware deathcore met hardstyle, trance en techno beats en synths. Het is een vertrouwd recept, maar The Browning laat een frisse wind door dit subgenre waaien. Nummers als Not Alone, Burn This World, Forgotten en het verschroeidende Bloodlust zijn tot de nok toe gevuld met synths en beats. Er is ook ruimte voor experimentjes. Zo is Living Dead een stukje duisterder van aard. Hoogtepunt van het album is Ashamed, een nummer met zware dubstep-invloeden, maar zonder te vervallen in de welbekende ‘wobbles’.
Het grootste euvel aan The Browning  is dat de songs heel vaak op breakdown-tempo blijven. Gelukkig wordt er met Forgotten en Tragedy Of Perfection wat meer gevarieerd met tempo’s, hoewel de breakdown nog steeds alom vertegenwoordigd is. Gelukkig is er door het gebruik van de techno-invloeden een grote variatie aan bliepjes en riedeltjes.
De nummers Time Will Tell en Standing On The Edge zijn afkomstig van de vorige EP maar zijn wel opgepoetst waardoor ze een betere sound hebben dan voorheen.

Burn This World is een erg goed album geworden. Er wordt nog steeds te vaak vastgehouden aan het breakdown-tempo, maar erg storend vind ik dat niet. De techno/trance geluiden zijn op een uitstekende manier geintegreerd met muziek die anders standaard deathcore zou zijn. Een bovengemiddeld debuut.

80/100

Vildhjarta – Måsstaden

Djent is populair en dat zullen we weten ook. TesseracT, Periphery, Animals As Leaders en ons eigen Textures zijn de prominentste namen in het genre. In de underground duiken steeds meer namen op en één van die namen treedt nu naar buiten met hun debuutalbum.

Natuurlijk is Meshuggah de eerste naam die je te binnen schiet zodra de eerste nummers Shadow en Dagger hun polyritmische chaos ten toon spreiden. Vildhjarta is echter wat progressiever dan hun landgenoten. Er zitten akoestische en ambient elementen in de muziek, maar de basis ligt stevig verankerd in abstracte, polyritmische metal.
Na Dagger krijgen we Eternal Golden Monk en de single Benblåst. Dit zijn prima uitgevoerde djent-nummers. Vildjharta onderscheid zich binnen het genre door drie gitaristen en twee vocalisten in de gelederen te hebben. Onder de abstracte riffs zit vaak een gitarist die zweverige lijntjes speelt, wat de muziek een erg ambiente insteek geeft. Het gebruik van twee zangers, één voor de diepe grunts en één voor de screams, zorgt voor meer afwisseling maar had beter uitgevoerd kunnen worden.

Tussen de nummers zijn korte intermezzo’s opgenomen, die soms compleet ambient zijn (Östpeppar) en soms instrumentale nummertjes (Nojja, Måsstadens Nationalsång). Tegen het einde komen de langere nummers tevoorschijn en dat is waar Vildhjarta de mist in gaat. De langere nummers kunnen mijn aandacht niet lang genoeg vasthouden en bij een pittig genre als dit is dat een doodssteek. Traces is nog wel door te komen, vooral door de cleane zang, maar Deceit en vooral The Lone Deranger zijn een hele kluif. Bij vlagen klinkt het nogal saai.

Het grote nadeel van djent is dat het tempo soms een heel album gelijk blijft en er veel herhaling is. Dit is bij een grootheid als Meshuggah niet zo’n probleem omdat die het kunstje al doorhebben, maar bij Vildhjarta, die veel rustige stukken in hun muziek stopt werkt het tegen ze.
Het is een typisch voorbeeld van een band die weet wat ze willen, hun eigen unieke elementen in hun muziek stoppen maar nog niet helemaal weet hoe het moet. Geef deze jonge Zweden de tijd en dan komen ze met een prima tweede album, ik weet het zeker. Måsstaden is een stap in de goede richting, maar het is slecht de eerste trede van vele.

67/100


JUKEBOX

Nightwish - Storytime
Amaranthe - Amaranthine
The Browning - Bloodlust
Vildhjarta - Dagger
Iron Mask - Broken Hero
Lamb Of God - Ghost Walking
Primal Fear - Bad Guys Wear Black

Op moment van schrijven zijn de eerste twee topper alweer in aantocht, Primal Fear en Lamb Of God staan op internet! Op zoek naar die twee en koop ze als ze goed bevallen!

Een metal 2012 gewenst!! \,,/

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen